Antwoorden Gedeputeerde Staten

Indiendatum: 24 jul. 2020

Antwoorddatum: 8 sep. 2020

Geachte mevrouw Keller,

Hierbij beantwoorden wij de door u gestelde schriftelijke vragen ex. art. 47 RvO betreffende de voorgenomen kap van bomen aan de Broekhuizerlaan in Leersum.

Toelichting door de PvdD:

Op 16 juni 2020 verscheen in het AD het artikel "Deze monumentale bomenrij dreigt te verdwijnen, maar is dat nou echt nodig?".

In het artikel wordt een bij de gemeente Utrechtse Heuvelrug aangevraagde kapvergunning voor de kap van in totaal zo'n duizend, waaronder monumentale, bomen aan de Broekhuizerlaan te Leersum ter discussie gesteld.

De PvdD heeft de volgende vragen:

1. Bent u bekend met de geplande bomenkap aan de Broekhuizerlaan in Leersum?

Antwoord:

Ja, daar zij wij mee bekend.

In het artikel staat dat "Chantal Broekhuis, verantwoordelijk wethouder voor de bomen, zegt dat de gemeente en de provincie steeds zijn betrokken bij de voorgenomen bomenkap".

2. Kunt u aangeven op welke wijze de provincie is betrokken bij de voorgenomen bomenkap?

Antwoord:

Vanuit de provincie wordt geadviseerd in het kader van de Erfgoedwet: wijzigen rijksmonument buiten de bebouwde kom. In 2016 is een bijdrage uit het Parelfonds toegezegd voor herstel (restauratie) Broekhuizerlaan, met de opschortende werking dat een omgevingsvergunning is verleend. Daarnaast is de provincie bevoegd gezag in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb).

3. Is voor de kap een ontheffing nodig in het kader van de Wet natuurbescherming en zo ja, is deze ontheffing aangevraagd?

Antwoord:

Ja, voor de voorgenomen activiteit is een ontheffing Wnb soortbescherming noodzakelijk. Deze aanvraag is op 10 oktober 2019 ingediend, en deze procedure is nog niet afgerond. Wij wachten op aanvullende (ecologische) gegevens van de initiatiefnemer.


4. Valt het gebied waar de bomenkap is gepland onder een van de categorieën van artikel 4.6 van de Beleidsregels natuur en landschap Provincie Utrecht? Zo ja, is GS voornemens een kapverbod in te stellen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:

Er is op 10 oktober 2019 een melding in het kader van de Wnb, onderdeel Houtopstanden, ingediend bij de provincie Utrecht, waarna wij geen kapverbod hebben opgelegd. Het opleggen van een kapverbod betreft een middel dat alleen in gevallen wordt toegepast die voldoen aan één of meer van de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 4.6 van de Beleidsregels Natuur en Landschap provincie Utrecht 2017 (hierna: Bnl). Dit betreft houtopstanden in oude boskemen, bosreservaten, A-locaties, cultuurhistorisch waardevolle oude bossen, aaneengesloten oppervlaktes groter dan 3 hectare of waardevolle landschapselementen. Deze melding hebben wij geaccepteerd en geen kapverbod opgelegd. Wel is nadrukkelijk aan de initiatiefnemer gecommuniceerd (in de ontvangstbevestiging van de kapmelding) dat de bomen niet gekapt mochten worden, zolang de ontheffing Wnb soortbescherming niet is afgegeven. Wanneer wij een kapverbod opleggen, moeten wij motiveren waarom wij dat doen. In dit geval zouden dat de bijzondere cultuurhistorische waarden kunnen zijn. Echter, op 10 oktober 2019 was door de provincie nog geen advies aan de gemeente afgegeven inzake cultuurhistorie. Inmiddels is dat wel gebeurd: vanuit cultuurhistorie zijn wij van mening dat het rooien en opnieuw inplanten van de huidige laan een wijziging van het huidige monumentale beeld betekent en een verlies aan historisch materiaal. Het steeds verder in verval raken van de laan door uitval van bomen betekent echter ook een aantasting van het statige beeld en van de structuur van de laan. Door de laan in drie fasen te wijzigen (met 6 jaar tussenpozen) wordt de verandering uitgespreid in de tijd en blijven voorlopig delen behouden.

In het artikel wordt gesproken over zieke bomen.

5. Betreft dit alle duizend bomen die op de planning staan gekapt te worden? Zo nee, bent u met onze fractie van mening dat het kappen van gezonde bomen zeer onwenselijk is, en dat met de huidige klimaat problematiek het kappen van gezonde waaronder monumentale bomen moet worden voorkomen?

Antwoord:

Wij hebben van de initiatiefnemer geen inzicht gekregen over het percentage zieke bomen bij de beoordeling van de kapmelding. Voor Wnb Houtopstanden dienen wij te toetsen aan artikel 4.6 van de BNL, wat wij gedaan hebben.

Het betreft nu fase 1 van de drie fasen waarin het project is opgedeeld. Het gaat in deze fase om 321 bomen die gekapt gaan worden. Er komen er in ieder geval 413 voor terug.

Toelichting door de PvdD:

In een vervolg artikel dat op 2 juli 2020 in het AD verscheen "Beuken in Broekhuizerlaan in Leersum nog honderd jaar mee? Wat een onzin.", stelt bosbouwer Gerard Koopmans van Bosgroep Midden Nederland, (die tevens het plangebied onder handen zal gaan nemen in opdracht van de landeigenaren). "De bomen gaan nog maar een jaar of tien, hoogstens vijftien, mee." Daarentegen stelt boomchirurg Jern Copijn in hetzelfde artikel dat de bomen nog wel honderd jaar zouden meegaan en dat de kap dus volstrekt onnodig is.


6. Is er ook een onafhankelijk ecologisch onderzoeksbureau betrokken bij het plangebied, en is door dit ecologisch onderzoeksbureau de nut en noodzaak voor de kap van duizend, waaronder monumentale bomen, aangetoond? En is daarbij rekening gehouden met de eventuele aanwezigheid van (beschermde) diersoorten die in het plangebied leven?

Antwoord:

Ja, in het kader van de Wnb soortbeschenning is een onafhankelijk ecologisch adviesbureau betrokken. Het gaat hierbij om (aanvullend) onderzoek naar beschennde soorten die van de laan afhankelijk zijn (denk hierbij aan foerageerroutes of vaste rust- en verblijfplaatsen). Wat betreft nut en noodzaak van de kap verwijzen wij naar het antwoord op vraag 9, waar wij ingaan op de altematievenafweging. Overigens is door de gemeente Utrechtse Heuvelrug aanvullend onderzoek laten doen naar de technische staat van de bomen en de toekomstverwachting van de laan (Jellema 2017, zie bijlage 1 bij deze beantwoording; UHR-advies herstel Broekhuizerlaan).

In het vervolg artikel van 2 juli 2020 wordt een aantal van 313 te willen kappen bomen genoemd.

7. Om hoeveel bomen gaat het in totaal, om 313 of eerder 1000 bomen en hoeveel van deze bomen zijn daadwerkelijk onherstelbaar ziek?

Antwoord:

De totale ruimtelijke ingreep betreft 3 fases (in totaal circa 1000 bomen), waarvan alleen de eerste fase gemeld is in het kader van Wnb Houtopstanden met een omvang van 321 bomen.


8. Klopt het dat vanuit het Fonds Erfgoedparels van de Provincie Utrecht geld beschikbaar wordt gesteld voor de grootschalige kap rond de Broekhuizerlaan te Leersum? Zo ja, hoeveel?

Antwoord:

Het gaat om€ 65.000,- vanuit het Fonds Erfgoedparels. € 40.000,- (beschikking 2016) plus€ 25.000,aanvullende subsidie 2020, bestemd voor het herstel/restauratie van de Broekhuizerlaan, onderdeel van het rijksmonument historische buitenplaats Broekhuizen. De subsidie geldt onder de opschortende voorwaarde dat een omgevingsvergunning is verleend.


9. Bent u met ons eens dat een minder rigoureus alternatief, bijvoorbeeld een flinke snoei onderhoudsbeurt, waarbij in ieder geval gezonde bomen gespaard kunnen blijven en waarbij het onderkomen van (beschermde) diersoorten blijft behouden, veruit de voorkeur geniet?

Antwoord:

Bij het beoordelen van een aanvraag in het kader van de Wnb zijn wij gebonden aan het wettelijk kader. Een onderdeel van de Wnb soortbescherming is de alternatievenafweging. Het is aan de initiatiefnemer om te onderbouwen waarom de bomen gekapt moeten worden, en waarom snoeien geen optie is, wat wij vervolgens meenemen in onze besluitvorming.

10. Bent u bereid in overleg met de gemeente Utrechtse Heuvelrug de grootschalige kap aan de Broekhuizerlaan in Leersum te ontraden en te wijzen op minder rigoureuze alternatieven?

Antwoord:

Vanuit cultuurhistorie is veel overleg gevoerd de afgelopen jaren met de eigenaren, de gemeente en alle adviseurs op het gebied van cultuurhistorie (de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, MooiSticht en de Provincie Utrecht). Er is een advies vanuit cultuurhistorie van de Provincie naar de gemeente (bevoegd gezag qua vergunning verlening wijzigen rijksmonument) uitgaan waarin gemotiveerd wordt aangegeven dat wordt ingestemd het rooien van de bomen in de eerste fase en het terugplanten van nieuwe bomen tussen de oude plantgaten, mits gekozen zal gaan worden voor het terugplanten van beuken (en niet winterlinden zoals nu wordt voorgesteld). Dit advies is als bijlage aan deze beantwoording toegevoegd. Vanuit de Wnb zal de alternatievenafweging onderdeel uitmaken van de besluitvorming soortbescherming.

11. Klopt het dat de monumentale beuken langs de Broekhuizerlaan de status van "nationaal beschermde monumenten" dragen? Zo ja, op welke bescherming kunnen deze nationaal beschermde monumentale bomen rekenen en van wie?

Antwoord:

De Broekhuizerlaan is een beukenlaan, aangeplant in de tweede helft van de 1 Be eeuw. Het is een oprijlaan en belangrijke zichtas van de buitenplaats Broekhuizen in Leersum. De laan is in het bezit van verschillende eigenaren. De beukenlaan is als onderdeel van de buitenplaats Broekhuizen aangewezen als Rijksmonument.

(https:/lmonumentenreqister.cultureelerfqoed.nllmonumenten/522864). Bij de huidige plannen gaat het om het wijzigen van een rijksmonument. Voor het verlenen van een vergunning hiervoor is de gemeente bevoegd gezag. De Provincie Utrecht (en de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed en MooiSticht) hebben een adviserende rol aan de gemeente. Vanuit de Erfgoedwet is er de eis dat de monumentale waarden van het rijksmonument niet mogen worden geschaad. In het advies vanuit de provincie moet dan ook antwoord worden gegeven op de vraag of de voorgestelde ontwikkelingen een aantasting vormen van de monumentale waarden of niet. In het advies hebben wij geconcludeerd dat (met inachtneming van het advies) de cultuurhistorische waarden niet onevenredig zullen worden geschaad.


Hoogachtend,

Gedeputeerde Staten van Utrecht